Oh My George heeft meer dan 10 jaar ervaring in vastgoed en interieurontwerp. We zijn een vastgoedkantoor, maar wel een vastgoedkantoor nieuwe stijl. Met oog voor esthetiek, passie en een persoonlijke aanpak.

Onze filosofie

Inspiratie

Concrete Dreams: The Laspi Houses Edit

Het weekendmagazine van De Tijd stond recent in het teken van Griekenland. Een heerlijk nummer dat me direct weer deed dromen van de Egeïsche kust en de Saronische Golf. Maar hoe prachtig de reportages ook waren, het deed me beseffen dat mijn eigen Griekse favoriet nog steeds een goed bewaard geheim is. Een adres dat mijn 2025 een gouden randje gaf: Laspi Houses in Pefkali.

   

Soms kom je op een plek waar de architectuur niet alleen de ruimte omlijst, maar de tijd simpelweg stilzet. A place not just to stay, but to be. Klinkt als marketing, maar in de baai van Amoni is het de onvervalste werkelijkheid.

Het project van het Atheense bureau Askiseis Edafous is een oefening in brutalistische nederigheid.

Drie slaapkamers, drie badkamers, gevangen in een samenspel van ruw beton en hout. Maar het echte meesterschap zit in de schuifdeuren. Wanneer je ze aan beide kanten openzet, wordt de grens tussen de berghelling en de woonkamer opgeheven. Terwijl jij je eerste koffie inschenkt, vliegen de vogels letterlijk door je huis. En als je geluk hebt, springen de dolfijnen in de baai net niet in je eigen infinity pool. Adembenemend is een eufemisme.

Concrete Dreams. Hier werd mijn eigen droom om elk jaar een maand in het buitenland te wonen en te werken voor het eerst tastbaar. Of beter gezegd: concreet. Letterlijk en figuurlijk. House Laspi was de vuurdoop van dit nieuwe ritme. Een maand lang was de Peloponnesos geen vakantiebestemming, maar mijn kantoor en mijn thuis. Het bleek de ultieme test: als het huis doet wegdromen, doet je creativiteit dat ook.

De hand van de meester. Mijn nieuwsgierigheid naar de ziel achter dit beton leidde me naar een keramiekstudio in hartje Athene. Daar ontmoette ik Alexandros Douras. Geen gladde vastgoedjongen, maar een artiest die bouwt met zijn handen. Tussen het stof en de klei liet hij me de plannen zien voor zijn nieuwste creatie (deadline 2027). Het wordt een ode aan de streek: een blinde gevel van 900 cementtegels met de afdruk van lokale bomen, waarin subtiel figuren zijn verwerkt die elkaar omarmen en kussen. Architectuur als een liefdesverklaring. Dat zijn moeder, Chrisa, bijna dagelijks langskwam met versgebakken koekjes, verklaart waarom alles wat daar ontstaat zo warm en authentiek aanvoelt.

Van de Peloponnesos naar de Kloosterstraat. Maar Griekenland bleek meer dan alleen beton en bergen. De creativiteit sijpelt door in alles, ook in wat we dragen. Per toeval ontdekte ik Eating +he Goober, het label van Vicky Moudilou en Stamatis Guinis. Wat begon met de aankoop van één kledingstuk, groeide uit tot een spontane klik. Soms herken je in het werk van een ander precies de esthetiek waar je zelf naar op zoek bent.

Griekenland heeft me verrast, overweldigd en uiteindelijk veranderd. En omdat ik bij Oh My George geloof in het delen van wat echt goed is, breng ik een stukje van die Atheense vibe naar Antwerpen. Vanaf juni 2026 hangt een deel van de nieuwe collectie van Eating +he Goober in onze pop-up winkel van SHOW UP at the castle in de Kloosterstraat.

Beton, bomen die elkaar kussen, en een vleugje Griekse mode in de stad.

Laspi Houses ligt op anderhalf uur rijden van Athene en twintig minuten van de dichtstbijzijnde supermarkt. Pal aan de inkom van de goddelijke Peloponnesos.

In gesprek met Andrea Paolini van Totem. “Schoonheid redt ons niet van problemen, maar ze verzacht wel.”

De creatieve wereld in Antwerpen is wonderlijk klein. Zo’n vijf jaar geleden stapten Laurens Claes en Lempty Deiana bij Oh my George binnen als klant. Wat begon met een verkoop, groeide uit tot een hechte vriendschap. En precies via hen kruisten onze paden zich met die van Andrea Paolini: de ziel en curator achter het gloednieuwe initiatief Totem Antwerp. Tijd voor een goed gesprek over ambacht, Italiaanse roots, Roland Barthes en de kunst van het bewust leeglaten.

Met een naam als Andrea Paolini lijk je bijna voorbestemd voor een leven tussen de kunst, architectuur en mooie objecten. Het klinkt als een meester-ontwerper uit Milaan, maar Andrea’s verhaal begint in het Italiaanse platteland van Reggio Emilia. “Daar voel je een sterke appreciatie voor traditie, ambacht en het respect voor materialen,” vertelt Andrea. “Denk aan de lange, houten familietafel waar we elke vakantie aan aanschuiven. Telkens dezelfde kaas, dezelfde wijn. Zo’n tafel krijgt door de jaren heen steeds meer betekenis. Mijn creatieve oog komt trouwens van mijn moeders kant, zij is Brits.”

Semiotiek en een essay van Roland Barthes

Die unieke mix van Italiaanse appreciatie voor materie en een Britse blik vormde de basis voor Totem. Maar het echte fundament voor de naam en het concept ontstond tijdens zijn studies Beeldende Kunsten.“Ik kwam in aanraking met kunstfilosofie en geschiedenis, en vooral semiotiek greep me: de studie van hoe beelden, symbolen en objecten betekenis overbrengen. De naam ‘Totem’ komt zelfs rechtstreeks uit een essay van de Franse filosoof Roland Barthes.” Waar de gemiddelde winkel vol staat met spullen die snel moeten verkopen, voelt Totem eerder als een gecureerde verzameling met een ziel. Maar wanneer heeft een object dat eigenlijk, een ziel? “Die wordt toegevoegd door de maker, de toeschouwer, de eigenaar, of gewoon door de tijd,” legt Andrea uit. “Voor Totem selecteer ik strikt volgens vier pijlers: het moet inspirerend, esthetisch, betekenisvol en impressief zijn. Een object moet simpelweg een indruk achterlaten.” “Klakkeloos een trend volgen vertelt erg weinig. Dat voelt leeg. Je omringen met unieke stukken die een verhaal vertellen over de maker of over jezelf, is een verrijking. Voor je interieur, maar ook voor je gasten.”

Waarde toevoegen in een vluchtige wereld

Tegenover de huidige cultuur van massaproductie en vluchtige consumptie stelt Andrea met Totem een bewust tegengeluid. “We weten tegenwoordig vaak niet meer waar iets vandaan komt,” zegt Andrea. “Hoe, door wie of met welke intentie iets gemaakt is. Dat is een mentale en culturele verarming. En we hebben even weinig zicht op waar iets naartoe gaat. Hoe mooi is het om een object waarmee je geleefd hebt door te geven aan een vriend, of te verkopen aan een nieuwe liefhebber?” “De wereld om ons heen is niet altijd mooi. Daarin kan schoonheid ons net redden: ze geeft ons iets terug om aan vast te houden. Niet omdat schoonheid problemen oplost, maar ze verzacht wel. Ze biedt troost, en dat is soms al genoeg.”

 

Eerlijke feedback en geredde schilderijen

Het ondernemerschap en het jagen op unieke stukken zit Andrea in het bloed. De opstart voelde voor hem dan ook als een logische stap, al blijft de markt aftasten altijd spannend. “Spannend is het wel om serieus te investeren in stukken die niet voor de hand liggen. Maar die spanning maakt het juist leuk. De respons is gelukkig heel fijn: architecten, interieurontwerpers, kunstverzamelaars en kunstenaars wisten Totem al in de eerste maand te vinden.” Op de vraag wat het allerbelangrijkste is bij zo’n opstart, komt het gesprek weer even terug op de community die hem omringt. “Eerlijke mensen om je heen zijn cruciaal. Bij twijfel over prijzen, en dan is een klankbord heel fijn. ‘Zou je dit kopen? Wat zou jij ervoor geven?’ Dat heb je nodig.” En stel dat er vannacht brand uitbreekt in het atelier? Welk stuk verdient een reddingsactie? Andrea lacht: “Moeilijke vraag. Misschien dat grote schilderij in een diep, vurig kleurenschema. Dat zou een grappige toevoeging zijn aan dat werk: als enige gered uit de vlammen. Er zijn trouwens objecten die er alleen maar interessanter uitzien als ze een brand overleven. Dat noemen we dan patine.”

Openheid doet dromen

Totem is een blijver, als een vaste waarde die kan meebewegen met Andrea’s drang om zich steeds in nieuwe stromingen en kunstenaars te verdiepen. En hoe vertaalt die visie zich naar zijn eigen manier van wonen? “In de stad zoek ik naar een oase van rust met natuurlijke materialen. Ik hecht ook veel belang aan openheid en laat ruimtes bewust leeg. Niet alles hoeft meteen volgepropt te staan of een functie te dienen. In de Japanse en Chinese schilderkunst laten ze ook delen van het doek bewust blanco. Dat geeft ruimte voor eigen interpretatie, maar vooral voor potentieel. Openheid doet dromen.”

Ontdek het universum van Andrea Paolini via Totem Antwerp.

Brutal Brazil

Je ziet me niet snel op een vastgoedborrel, tussen mannen met glanzende schoenen, smalle colberts en nog smallere marges. Maar bij een mail met als titel ‘THOMAS MORE GOES BRAZIL?’ zit ik zo op het vliegtuig. Geen pitch, geen projectontwikkelaar, wél Oscar Niemeyer, tropenregen en modernisme in de jungle.

Thuiskomen is een vreemd werkwoord. Zeker als het gebeurt aan de andere kant van de oceaan. Brazilië. Drie steden, tien dagen, twintig keer de vraag: Is dit écht van beton?

Samen met studenten, alumni en docenten van Thomas More’s opleiding Interieur, Design en Architectuur reisden we naar de bakermat van modernisme. Geen ballast, geen franjes of geen compromisarchitectuur. Beton is hier geen bouwmateriaal, maar een geloof. Een levenshouding. Een stijl.

São Paulo, Brasília en Rio de Janeiro.

Een trip naar drie steden, met als leidraad de werken van Oscar Niemeyer, de dansende lijnen van Lina Bo Bardi en het groene tegengewicht van Burle Marx. Wiens tuinen de gigantische bladeren van tropische planten naadloos combineren met de strakke lijnen van de omliggende architectuur. In Brazilië hebben ze groot blad, in Antwerpen hebben wij vooral een frank blad.

De reis was een aaneenschakeling van bezoeken aan iconische gebouwen, Uberritten die even chaotisch waren als de Braziliaanse skyline en caipirinha’s op het juiste moment. Want soms heb je een klein beetje roes nodig om de grootsheid van een ruimte echt tot je door te laten dringen.

In São Paulo verloren we ons in het MASP van Bo Bardi: een transparante betonnen doos die boven de stad zweeft. In Brasília leerden we hoe je een stad uit het niets giet. En bij gieten denken we aan … beton. Vier jaar om een stad in één strakke vorm te gieten. Groots, symmetrisch, futuristisch: alsof je in een maquette loopt. In Rio is het landschap theater: bergen als coulissen, stranden als lichtstrepen, en Niemeyers betonnen schotel (het MAC) hoog boven de baai.

   

We lieten ook onze stempel achter. Letterlijk. Op Ipanema, tussen zand en zonnecrème, kleeft nu een sticker van Oh my George. Een klein, brutalistisch gebaar. Zoals wij: Vlaamse architectuurdromers, nippend aan kokosnoten, smeltend voor een land waar vorm minstens zo belangrijk is als functie.

Er is iets met reizen met gelijkgestemden. Met mensen die stil worden van een goed geplaatste kolom of een onverwacht lijnenspel. Dat je mag dromen in beton, zolang je maar weet wat je doet met het licht. Thuiskomen dus, in een vreemd land. Niet omwille van het klimaat of het tijdsverschil, maar omdat je je begrepen voelt. Omdat je met mensen bent die op dezelfde manier kijken, voelen, denken. En dat mag gevierd worden – met architectuur, caipirinha’s, en af en toe een collectieve zucht van bewondering.

Beton, beton, beton. 

En een beetje George.

wiki 6